Einde rumoer rondom Catalonië nog niet in zicht

Al sinds het begin van de 18e eeuw zijn de Catalanen ontevreden over de macht die Spanje op hun provincie uitoefent, ze voelen zich onderdrukt. De afgelopen maanden is de opstand tegen de Spaanse regering almaar groter geworden. Zelfs onder de Catalanen zelf zijn de meningen verdeeld.

door Britt Henneken

Het is onrustig in Spanje. De inwoners van de Spaanse provincie Catalonië willen zich onafhankelijk maken van de Spaanse regering. Redenen hiervoor zijn dat Madrid de Catalaanse cultuur nooit heeft geaccepteerd en de provincie vindt dat ze te veel van haar welvaartswinsten af moet staan. De inwoners zijn dan ook al jaren bezig met deze onafhankelijkheidsstrijd, ook wel ‘indy-beweging’, naar independence, genoemd. Sinds maart is het verzet, onder leiding van onafhankelijkheids voorstander en regiopresident Charles Puigdemont, nog sterker geworden.

De spanningen tussen de deelrepubliek en Spanje bestaan al eeuwen. Maar de ontwikkelingen van de afgelopen maanden spannen de kroon wat betreft onrust in het land. Vooral de demonstraties op de dag van het referendum en de bijna koude oorlog die zich tussen Catalonië en Spanje afspeelt veroorzaken onrust.

Catalonië is op dit moment een deelrepubliek van Spanje, maar dat is niet altijd zo geweest. De provincie heeft een bewogen geschiedenis. De republiek was ooit een onafhankelijk land, los van Spanje. In 1714 werd Catalonië onderdeel van Spanje, omdat het de Spaanse Successieoorlog had verloren. De koning van Spanje, Filips V, verbood al snel de Catalaanse politiek en taal. Met deze ontwikkelingen begon de onrust in de Spaanse provincie.

In de 19e eeuw werd Catalonië een welvarende regio en in 1939 vestigde Francisco Franco een dictatuur in heel Spanje. Franco verbood toen alles in Catalonië dat niet Spaans was, tot ontevredenheid van de Catalaanse bevolking. Toen Franco overleed kreeg de regio weer gedeeltelijk haar eigen culturele karakter terug en iets meer politieke onafhankelijkheid. Er werd in 1979 zelfs een statuut geregeld voor de regio waarin het autonoom werd. Ook werd het Catalaans hierin erkent als een van de officiële talen van de regio, naast Spaans. Echter kreeg de provincie nooit complete zelfbeschikking.

Het referendum in oktober
Voor de oudere inwoners is het onafhankelijkheidsstreven vooral een emotionele strijd geworden. “Van wat ik weet is dat mijn ouders zichzelf niet toestonden na te denken over onafhankelijkheid, omdat het in hun tijd gewoon onmogelijk en gevaarlijk leek”, vertelt Ada (38), een Catalaanse vrouw die strijdt voor de onafhankelijkheid. “Voor hen was het meer een soort gedachte in welk land ze zouden willen wonen, maar het leek er niet op dat dit ooit zou gaan lukken.” Eva Wiessing, een journaliste die gespecialiseerd is in de onafhankelijkheid van Catalonië, vertelt: “Vooral de emotie bij de oudere Catalanen maakte veel indruk. Zij hadden echt het gevoel dat ze 1 oktober, de dag van het referendum, geschiedenis schreven. Je voelde ook de spanning, hoe enorm bang iedereen was dat de Spaanse politie ook in ‘ons’ stembureau zou ingrijpen.”

Ada heeft op 1 oktober, de dag van het referendum, geholpen met het tellen van de stemmen. Ze vervolgt haar verhaal over haar ouders. “Mijn ouders waren kinderen tijdens de nasleep van de oorlog en het vroege dictatorschap van Franco. Ze gingen naar een school waar ze alleen maar in het Spaans les kregen. Ook al spreken ze nog steeds alleen Catalaans, ze schrijven in het Spaans omdat ze zich niet zelfverzekerd genoeg voelen om te schrijven in het Catalaans. Zelfs boodschappenlijstjes doen ze in het Spaans.”

Wat opvalt is dat de Catalanen die ik spreek over hun redenen waarom ze voor onafhankelijkheid strijden, de vraag vooral omdraaien. Ook Silvia Riuz Gonzalez (40) doet dit. “Als iemand jou zou vragen waarom je je Nederlands voelt, wat zeg je dan? Wat nou als Duitsland morgen Nederland binnenvalt en hun cultuur aan je opdringt? Ga jij dat dan accepteren? Ga je opgeven wie je bent en gewoon zomaar Duitser worden? Ik denk niet dat jij dat zou doen.” Dit geeft ook maar weer aan hoe fel de pro-independence Catalanen over dit onderwerp zijn.

“Ik zie het als volgt: de Spaanse regering probeert onze identiteit, cultuur, taal en instituties neer te slaan. Gewoon omdat ‘zij’ ‘ons’ niet leuk vinden.”, vervolgt Silvia. “Ik ben voor de onafhankelijkheid omdat ik Catalaan ben, zo simpel is het. Ik wil horen bij een vrij, democratisch, vredig, en ruimdenkend land waar iedereen dezelfde rechten en kansen heeft. Ik wil een land dat als eerste aan haar burgers denkt. Ik wil wonen en leven in een land waar corruptie niet voorkomt in onze regering en waar de gescheiden machten ook écht gescheiden zijn. Misschien is dit alles maar een droom, maar op dit moment wil ik niet bij Spanje horen. Spanje wordt geregeerd door corrupte fascisten die haat verspreiden over iedereen die anders denkt en er anders uit ziet. En het ziet er niet naar uit dat dit snel gaat veranderen.”

Steeds meer onafhankelijkheid
Na het statuut uit 1979 (waarin Catalonië autonoom werd) aanvaardde de Spaanse regering een ander statuut, sindsdien is Catalonië een natie binnen Spanje. Hier was echter niet iedereen het mee eens en de Spaanse politieke partij Partido Popular (PP) stapte naar het Hooggerechtshof, waarna de term ‘natie’ werd geschrapt uit het statuut. Veel Catalanen waren hier boos over, dit was immers een stapje terug op hun weg naar onafhankelijkheid.

Sinds 2014 probeert Catalonië al een referendum te organiseren over de onafhankelijkheid van de regio, dit wordt echter door Spanje tegengehouden. Vooral de afgelopen maanden zijn er veel ontwikkelingen geweest rondom de onafhankelijkheid van de Spaanse provincie. Op 1 oktober stemde de Catalaanse bevolking, op initiatief van regeringsleider Charles Puigdemont, alsnog door middel van een (door de Spaanse overheid onwettig verklaard) referendum over de vraag of het onafhankelijk van Spanje wil zijn. 43% van de Catalanen gebruikte deze kans en bracht tijdens het referendum haar stem uit. Van alle stemmers was 90% voor de onafhankelijkheid van het land. Echter krijgen we door de lage opkomst nog steeds geen duidelijk beeld van de verschillende meningen onder de Catalanen.

Omdat de Spaanse politie dit onafhankelijkheidsreferendum wilde voorkomen hebben zij veel geweld gebruikt op 1 oktober in Catalonië. Hierbij raakten honderden demonstranten gewond. Logisch dus ook dat de Catalanen na dit politiegeweld nog gedrevener zijn geworden om onafhankelijk te worden van een regering die haar eigen burgers belaagt.

Ook Ada en Silvia strijden nog harder voor de onafhankelijkheid van hun ‘land’ sinds dit geweld. “Ik heb zelf het gevoel dat de verdeling pro-onafhankelijkheid/pro-Spanje, ongeveer 50/50 is. En je kunt aanhangers van alle leeftijden aan beide kanten vinden. Toch kun je wel zien dat na de politie aanvallen van 1 oktober de pro-Indy beweging groeit. De Catalanen worden moe van de manier waarop Spanje probeert te krijgen wat ze wilt”, vertelt Silvia.

Het referendum op 1 oktober verliep zodoende niet geheel volgens de planning. De Spaanse overheid greep veel te hard in tegen de demonstraties. Het is te begrijpen dat de Spanjaarden Catalonië niet kwijt willen, maar demonstreren valt onder de vrijheid van meningsuiting volgens het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. De Catalanen deden op 1 oktober dan ook niets dat verboden is volgens internationale regelgeving, wel volgens de Spaanse regering. Sindsdien staan de verhoudingen tussen Catalonië en Spanje nog meer op gespannen voet.

Niets gaat volgens de planning
Gorka Elejabarrieta is het hoofd van het internationale departement van Sortu, de linkse onafhankelijkheidspartij van Baskenland. Dat is een Spaanse provincie in het noorden van het land dat in het verleden te maken heeft gehad met onderdrukking vanuit de Spaanse regering. Hij is van mening dat de linkse partijen in Spanje de onafhankelijkheidsstrijders in Catalonië meer moeten ondersteunen. “De Spaanse politiek is veel te nationalistisch. Ze zeggen wel dat hun naties het recht hebben om te beslissen, maar die naties zijn wel allemaal te bang om beslissingen te maken. Het feit dat de Catalanen geen eigen beslissing kunnen maken omdat ze gebonden zijn aan de Spaanse grondwet is dan ook geen progressieve houding van de Spaanse politiek.”, begint Elejabarrieta in zijn artikel op de site van Green Left. Deze organisatie zet zich in voor onder andere mensenrechten en wereldvrede. “We worden geconfronteerd met, naar mijn mening, een twee-dimensionaal dilemma in de regio Catalonië. Aan de ene kant is het Catalaanse proces een democratisch conflict. Catalanen moeten het recht hebben om hun eigen toekomst te bepalen. Geen wet of grondwet moet dit tegen kunnen houden. Een oplossing is dan ook voor de hand liggend: een legaal en bindend referendum over de onafhankelijkheid. Het probleem is alleen dat Spanje dat nooit gaat accepteren, laat staan de uitkomst ervan. Aan de andere kant is het Catalaanse proces een politiek proces. Het biedt een kans om een republiek op te bouwen die progressief en democratischer is. De linkse partijen die progressief zijn en voor de onafhankelijkheid strijden krijgen dagelijks meer aanhang. Ook wordt de bestaande toestand steeds meer betwist.”

Ook 27 oktober was een veelbewogen dag. Het Catalaanse parlement stemde die dag anoniem over de onafhankelijkheid. Van de 82 (van 135) stemmen die werden uitgebracht waren er 70 voor de onafhankelijkheid (= kleine meerderheid). Bij het referendum onder de burgers was de uitslag dat 90% voor was, maar toen kwam ook maar 43% van de Catalanen opdagen. De kans is groot dat alleen de Catalanen die vóór de onafhankelijkheid zijn kwamen stemmen, want als iets je dwars zit, wil je er iets aan doen.

De linkse partijen vormen in Catalonië de coalitie, samen noemen zij zich Juntes Pel Sí, ‘samen voor ja’. Deze coalitie heeft een krappe meerderheid van 72 zetels (tegenover 63 in de oppositie) en zijn links Catalanistisch. Juntes Pel Sí bestaat uit de centrumrechtse partij van Charles Puigdemont, Convergència Democràtica de Catalunya, de democratische partij Catalonië (PdeCat) en de sociaaldemocraten van Esquerra Republicana de Catalunya. Later voegde ook het linkse Cadidatura d’Unitat Popular (CUP) zich bij ‘Samen voor ja’. Deze Juntes Pel Sí-coalitie wordt geleid door Raül Romeva, een Catalaans econoom die in oktober door de Spaanse overheid werd ontslagen omdat hij betrokken was bij de (illegale) onafhankelijkheidsverklaring.

Puigdemont wordt afgezet
Als gevolg van de parlementaire stemming op 27 oktober riep Puigdemont de onafhankelijkheid van Catalonië uit, maar hij trok deze vrijwel direct weer in. Dit deed hij omdat hij hiertoe eigenlijk niet bevoegd is volgens de Spaanse regering. Toch stelde Spanje artikel 155 van de Spaanse grondwet in werking, wat inhoudt dat Spanje een ondeelbare staat is. Hiermee neemt Spanje de macht over in een autonome deelstaat, Catalonië. De provincie heeft eigenlijk geen recht om haar onafhankelijkheid uit te roepen, want er worden geen mensenrechten geschonden door de Spaanse regering in Madrid. Wel heeft de regio recht op interne zelfbeschikking.

Spanje heeft verschillende redenen om de Catalaanse onafhankelijkheid niet goed te keuren. De eerste is dat Catalonië een belangrijk gebied is wat betreft de welvaart voor het land. Verder wordt het land op dit moment bestuurd door een conservatieve regering die artikel 155 heeft ingesteld, omdat ze Catalonië echt niet kwijt wil. Madrid reageert hiermee heel nationalistisch op het onafhankelijkheidsstreven van de Catalanen. Natuurlijk speelt ook mee dat Spanje voor een groot deel draait op de welvaart in Catalonië, het land wil de inkomsten die hier vandaan komen niet zomaar kwijt.

Als gevolg van zijn statement werd Puigdemont afgezet door de Spaanse regering en vluchtte hij naar Brussel, de hoofdstad van de Europese Unie. Hij zat hier een maand en sprak met niemand. Hij had dit zelf graag anders gezien, maar de Europese Parlementariërs vinden deze kwestie er een die binnen Spanje zelf moet worden opgelost.

Op 21 december mogen de Catalanen naar de stembus voor nieuwe verkiezingen, omdat Puigdemont en de rest van de Catalaanse regering zijn afgezet. Van de Spaanse regering mag Puigdemont zich wel opnieuw verkiesbaar stellen, iets wat hij ook zeker gaat doen. Sinds de laatste week van november is hij, vanuit Brugge, bezig met zijn verkiezingscampagne. Wat de uitkomst van de verkiezingen zal zijn is nog onduidelijk, het land is op dit moment erg verdeeld. Wat wel zeker is, is dat Juntes Pel Sí hard zal blijven vechten voor de onafhankelijkheid. Maar of ze de verkiezingen nu winnen of niet, het rumoer rondom de onafhankelijkheid zal niet zomaar ophouden.

Bij een verkiezingsuitslag waarbij Puigdemont wint, zal de strijd om onafhankelijkheid verder gaan. Het is echter niet te verwachten dat Spanje de onafhankelijkheid dan zomaar goed zal keuren, het zal dus nog onrustig blijven in Spanje. Mocht de oppositie winnen tijdens de verkiezingen, dan is Spanje gerustgesteld. Maar dan zijn er nog steeds vele Catalanen die heel graag onafhankelijk willen zijn, dus dan is ook een einde van de strijd nog niet in zicht. In beide gevallen zal de politieke situatie in Catalonië onrustig en labiel blijven.

Dit verhaal schreef ik voor het schaduwblad dat ik afgelopen periode maakte van de Groene Amsterdammer in opdracht van de School voor Journalistiek.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie